Premie verhogen of regeling versoberen

Terug naar het overzicht

Premie verhogen of regeling versoberen

herstelplan

Veel pensioenfondsen buigen zich momenteel over de premie voor 2012. Een aantal besturen heeft al geconcludeerd dat de huidige premie niet meer kostendekkend is. In dat geval is het aan CAO-partijen om een besluit te nemen om de premie te verhogen en/of de pensioenregeling te versoberen. Als het CAO-partijen niet lukt om tijdig een besluit te nemen, ontstaat er een lastige situatie voor besturen om eventueel zelf te beslissen over de premie en de toekomstige regeling.

CAO-partijen aan zet
Uitgangspunt is dat CAO-partijen verantwoordelijk zijn voor de inhoud van de pensioenregeling en het pensioenfonds voor de uitvoering daarvan. CAO-partijen spreken een pensioenovereenkomst af. Het fondsbestuur legt die vervolgens vast in het pensioenreglement. In het uitvoeringsreglement staat een procedure voor het wijzigen van het pensioenreglement als de pensioenovereenkomst wijzigt.

Ruimte om zelfstandig te beslissen
Soms lukt het CAO-partijen niet om tijdig een besluit te nemen over de pensioenregeling. DNB verlangt van een bestuur dan toch dat ze in een dergelijke situatie zelfstandig de benodigde kostendekkende premie kan opleggen. Het bestuur is verantwoordelijk voor het premiebeleid, onder de voorwaarden van de Pensioenwet en het uitvoeringsreglement. Het bestuur stelt de kostendekkende premie vast van de afgesproken pensioenregeling. Als deze premie volgens de CAO-partijen te hoog is, dan moet de pensioenregeling worden versoberd. Als de CAO-partijen dat niet doen, resteert de wettelijke taak van het bestuur te zorgen voor een kostendekkende premie. Het fonds heeft de ruimte om de premie in dat geval te verhogen. Het is echter zaak om een dergelijke situatie te voorkomen, evenals het met terugwerkende kracht of het voorlopig vaststellen van premies.

Gesplitste kortingsregeling vastleggen
De premie verhogen kan dus eventueel zelfstandig. Het bestuur kan de regeling voor de toekomst echter alleen versoberen als deze mogelijkheid in het pensioenreglement staat. En dat is meestal niet het geval. Het bestuur kan wel een zogenaamde gesplitste kortingsregeling in het pensioenreglement vastleggen. Dan kan het bestuur besluiten de op te bouwen aanspraken naar rato van het premietekort te verminderen. In dat geval worden nieuw op te bouwen aanspraken zodanig verlaagd dat de premie weer kostendekkend is.

Een dergelijke regeling ligt voor de hand bij een CDC-regeling omdat daar de premie is gemaximeerd. Maar het bestuur kan zo’n regeling ook opnemen in een DB-regeling waar de premie niet is gemaximeerd en waar onvoldoende buffers zijn om een tijdelijk premietekort op te vangen. Het opnemen in het pensioenreglement van een gesplitste kortingsregeling betekent een wijziging van de pensioenovereenkomst. Als het bestuur zo’n regeling in het pensioenreglement wil opnemen, moet het bestuur daarom CAO-partijen bij die wijziging betrekken, op de wijze zoals afgesproken in het uitvoeringsreglement.

Bij dekkingstekort zelfstandig korten over verleden
Sommige fondsen verkeren in een situatie van dekkingstekort. In dit geval kan het bestuur ook zelfstandig de in het verleden opgebouwde pensioenaanspraken en de ingegane uitkeringen korten. Voorwaarde is wel dat het bestuur alle overige beschikbare sturingsmiddelen, met uitzondering van het beleggingsbeleid, al heeft ingezet. Korten van de in het verleden opgebouwde rechten lost het probleem dat de premie voor het jaar 2012 niet kostendekkend is overigens niet op.

Terug naar het overzicht