Kamer laat zich informeren over generaties en vervolgstappen

Terug naar het overzicht

Kamer laat zich informeren

30_Grondwet_-_Tweede_Kamer

Hoorzittingen over pensioen beginnen in de Tweede Kamer bijna een gebruikelijk ritueel te worden. Op 2 en 3 november 2011 vond alsnog de hoorzitting plaats, die oorspronkelijk in september gepland stond. De Kamer wil meer informatie over de tegenstellingen en de losse eindjes in het pensioenakkoord.

In september waren vertegenwoordigers van de werkgevers, vakcentrales, vakbonden, wetenschap, uitvoeringsorganisaties, toezichthouders en koepels genodigd. De sessie werd een dag van tevoren afgeblazen, waarna een Kamermeerderheid onverwacht snel instemde met het pensioenakkoord. ‘Onbegrijpelijk dat de Kamer dat heeft gedaan’ werd afgelopen woensdag openlijk uitgesproken. De Kamer liet zich nu alsnog informeren.

Verwacht rendement niet prudent bevonden
Econoom Sweder van Wijnbergen was bijzonder kritisch over het rekenen met verwachte rendementen bij het waarderen van verplichtingen. Toezicht verliest het in zijn ogen immers altijd van perverse prikkels. Duidelijk was dat de motie van Kamerlid Pieter Omtzigt veel bijval zal krijgen. Omtzigt verzocht in de uitwerking van het pensioenakkoord onder meer zeer prudente keuzes te maken en uit te gaan van een prudente discontovoet. Minister Kamp heeft in een brief aan de Kamer aangegeven dat rekenen met verwachte rendementen geen vrijheid blijheid is en dit wel degelijk aan banden wordt gelegd. De discussie in de Kamer was principieel: verwachte rendementen brengen per definitie perverse prikkels met zich mee, welke beperkingen er ook worden opgelegd. “Markt consistente waardering” werd geïntroduceerd als alternatief voor “marktwaardering”.
Een opslag op de marktrente is een alternatief voor het waarderingsvraagstuk. DNB, bij monde van Joanne Kellermann, toonde zich hier ook voorstander van. Waarbij ze aantekende dat marktconsistente waardering invloed heeft op zowel de teller als de noemer van de dekkingsgraad en een relatie moet hebben met de ambitie.

Rondetafelgesprek tussen generaties
Het was geen verrassing dat de Vaste Kamercommissie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij de hoorzitting uitermate geïnteresseerd bleek in intergenerationele effecten van het uitwerkingsmemorandum. In dat kader waren ouderenorganisaties en jongerenvertegenwoordigers uitgenodigd om hun mening te geven.
PensioenOpstand, een initiatief van meerdere politieke jongerenorganisaties en het Alternatief voor Vakbond, is van mening dat de pensioenpot wordt leeggegeten en het nieuwe pensioenakkoord niets oplost. Een vertegenwoordiger van de ‘Opstand’ maakte samen met jongeren van de vakbeweging en voormannen van de ouderenorganisatie CSO en ANBO deel uit van een generatiepanel.
Ondanks enkele felle woorden in de Kamer, zullen alle partijen in december uitgebreid met elkaar om tafel gaan om een generatiedebat te voeren. De Kamer is zeer geïnteresseerd in de uitkomsten van het overleg. De jongeren gaven aan dat een eventueel verzet tegen verplicht invaren door ouderen niet louter juridisch van aard is, maar ook principieel. Is het rechtsvaardig als ouderen anders worden behandeld ten opzichte van jongeren? Vanuit de wetenschap werd geopperd dat generatieneutraliteit een uitgangspunt zou moeten zijn bij het invaren.

‘Combicontract te snel aan de kant geschoven’
Van Wijnbergen gaf - met de vurigheid die hem kenmerkt - aan dat het combicontract te snel aan de kant is geschoven als optie voor de toekomst. Het combicontract combineert onvoorwaardelijke nominale rechten en voorwaardelijke reële rechten.
Een dergelijk contract houdt rekening met de psyche van mensen. Deelnemers hechten immers waarde aan enige zekerheid. Van Wijnbergen is van mening dat het combicontract een compromis kan bieden waardoor sociale partners weer op één lijn komen.

Vereenvoudiging blijft ambitie
Een belangrijk discussiepunt was de complexiteit van het pensioenakkoord. Zowel qua uitvoering als qua communicatie werd geconstateerd dat de doelstelling van vereenvoudiging niet gehaald is. Integendeel. Diverse partijen deden een oproep om een dubbel toezichtskader te voorkomen. Verzekeraars en pensioenfondsen hielden een pleidooi om het Witteveenkader in één keer in 2014 (of 2015) in te voeren. Op het UPO zou slechts één pensioenleeftijd moeten komen te staan.
Een opmerkelijke discussie werd gevoerd over het invoeren van een standaard pensioencontract. Deze suggestie van PwC wekte duidelijk de belangstelling van de politici. Het harmoniseren van de huidige verschillen werden onder meer geïllustreerd door de effecten op vergelijkbaarheid en waardeoverdracht. Op pleidooien voor beleidsvrijheid en diversiteit werd soms zelfs kribbig gereageerd.

Toezichthouders
De Nederlandsche Bank had een duidelijk wensenlijstje:
1. vul het prudent beleggen concreet in
2. zorg voor een duidelijke vaste marktconsistente waardering. Er is zelfs aanleiding om op korte termijn de parameters van de commissie-Don tegen het licht te houden
3. zorg voor risico-gebaseerd toezicht
4. schrijf een bindende vorm van een egalisatiereserve voor, en
5. zet duidelijke stappen op het gebied van (governance) deskundigheid

Als quick-win deed Kellermann nog de suggestie om pensioenfondsen wettelijk te verplichten om vroegtijdig met de deelnemers te communiceren over het mogelijk aanstaande afstempelen. De AFM hield een pleidooi voor “activerende communicatie’ met name via het pensioenregister. Via het invoeren van een wens van de deelnemer over pensioendatum of hoogte van pensioen zou de haalbaarheid daarvan duidelijk weergeven moeten worden.

Terug naar het overzicht